Hoe kan je op een inclusieve manier communiceren?


Het kan voor jou onbelangrijk zijn, maar het kan een wereld van verschil maken voor iemand anders. We breiden in deze post uit over voornaamwoorden, respectvolle woordkeuze en algemene etiquette. Wanneer je deze dingen toepast zorgt het ervoor dat iemand anders zich veilig kan voelen bij jou. 

A. Voornaamwoorden 

Voornaamwoorden verwijzen naar iets of iemand. Vaak maken we assumpties over iemands genderidentiteit op basis van hun naam, kledij, stemgeluid ed. Die assumpties zijn voornamelijk binair: zij/haar of hij/zijn. Er is ook een derde optie: die/hun. Dit is een non-binaire optie. Toch kan je niet van iemands voornaamwoorden uitgaan dus vraag ernaar wanneer het onduidelijk is. 

Die/hun kan ook voor andere genderidentiteiten. Daarnaast gebruiken sommige personen meer dan één voornaamwoorden. 

in sommige talen zijn geen genderneutrale voornaamwoorden beschikbaar, dus worden die gecreëerd. Dan spreken we over neo voornaamwoorden: bv xe/zir. Er zijn er heel veel meer dan dit voorbeeld. 

Kernpunten: 

  • Sommige gebruiken meerdere voornaamwoorden
  • Enkelvoudige vervoeging van het werkwoord: “die ging naar de zee” en niet “die gingen naar de zee”
  • Niet alle non-binaire personen gebruiken de voornaamwoorden die/hun. Verschillende genderidentiteiten maken gebruiken van die/hen
  • Gebruik nooit “het”, mensen zijn geen voorwerpen
  • Twijfel je? Vraag het: “hoe mag ik je aanspreken?”
  • Praat je over het verleden van een trans persoon? Gebruik de voornaamwoorden waar die nu een voorkeur aan geven. 

B. Respectvolle woordkeuze

Niet Wel Toelichting
Transgenders, transseksueel, transvrouw/transman  Trans persoon 

Trans vrouw 

Trans man

“Transseksueel” is gedateerd en focust op transitioning. Trans wordt gebruikt als bijvoeglijk naamwoord. 
Ombouwen/transformatie, vrouw/man worden  In transitie gaan Trans* personen zijn altijd al hun huidig label geweest. 
Geboren als …, biologisch  Bij de geboorte geregistreerd als … In het Engels spreek je over AFAB/AMAB (assigned female or male at birth) 
Toen die nog man/vrouw was Toen die zich nog uitte als man/vrouw 
Interseksueel, hermafrodiet, transgender Intersekse persoon Hermafrodiet wordt gebruikt in het planten- en dierenrijk. 
Zowel man als vrouw Variatie in geslachtskenmerken   
Homohuwelijk Burgerlijk huwelijk, huwelijksgelijkheid “Homo” focust alleen maar op homoseksualiteit en sluit hiermee een groot deel van de LGBTQIA+-gemeenschap uit. 
Homomonument Regenboogmonument
Gay pride Pride 

C. Vermijd gegenderde taal

Wanneer je iemands genderidentiteit niet kent, kan je geen assumpties over iemands gender maken. Je kan iemands gender niet bepalen op basis van bepaalde online registraties, stemgeluiden, kleren ed.  

Maak zoveel mogelijk gebruik van genderneutrale woorden:  leraar → leerkracht, directeur → diensthoofd, vroedvrouw → vroedkundige. 

Niet Wel
Beste mevrouw/meneer Beste (volledige naam)/(functietitel)
Spreek ik met meneer/mevrouw …?  Spreek ik met (naam)? 
Welkom, dames en heren  Welkom allemaal, beste reizigers …

D. Algemene etiquette 

  • Ga niet van iemands voornaamwoorden uit, vraag ernaar
  • Ga er niet vanuit dat iemand hetero of cisgender is
  • Misgendering:
    • wanneer je iemand verkeerd aanspreekt, zeg geen sorry, maar corrigeer jezelf en move on
    • wanneer iemand je corrigeert voor misgendering, bedank hen, move on
    • zeg niet voortdurend sorry
  • Gebruik niet iemands dode naam, vraag er niet naar en vraag ook niet naar oude foto’s  
  • Stel persoonlijke en beschrijvende labels niet in vraag, respecteer zelfidentificatie
  • Gebruik geen slurs ook al worden die binnen de community wel gebruikt 
  • Verwacht niet dat LGBTQIA+-personen je ten allen tijde alles willen/kunnen uitleggen
  • Stel geen ongepaste vragen over iemands lichaam of seksleven 
  • Out niemand zonder toestemming 
  • Let op met complimenten die stereotyperen of negatief zijn:
    • vb “homo’s zijn altijd fashionable en grappig” of “je ziet er niet homo uit”
  • Ken je een trans* persoon? Vraag naar hun hobby’s en niet naar hun transitie

Bronnen: 

  • Workshop Trans* Allyship van XYZ vzw
  • Vorming communicatiekliniek: Do’s and dont’s van genderincusief communiceren – Carla Havermans (Kliq)